werktuig
Pook (kachel) (m.)
De kachelpook is een ijzeren ronde of platte staaf (ca. 40-100 cm) met een
puntig - al dan niet omgebogen - uiteinde, die gebruikt wordt om het vuur
in een open haard, in een kachel, een verwarmingsketel of een oven aan te
wakkeren. Meestal eindigt de pook in een haak of een ring waarmee men hem
kan ophangen. Voor de openhaard of de ketel bestaan er stellen met een
pook, een rakelijzer, een vuurschop (stoker), een haardborstel en een
sinteltang of een vuurtang. De kachelpook is te onderscheiden van de
kachelhaak. [MOT]